Lasertherapie
Het woord laser is de Engelse afkorting van "Light Amplification by Stimulated Emission of Radiation". Een laser is te beschouwen als een soort speciale gloeilamp, maar dan een gloeilamp die een heel dunne, felle en zuivere lichtstraal uitzendt. Via een microscoop kan deze lichtstraal gericht worden om in het oog een brandplekje te geven of weefsel te snijden. Er bestaan verschillende soorten lasers. Zij verschillen in kleur en sterkte van de lichtstraal. In de oogheelkunde worden vooral de Excimerlaser, de Argonlaser, en de Yaglaser gebruikt.
De geneesheren bepalen samen met de patiënt welke laserbehandeling noodzakelijk is voor zijn aandoening en welke voordelen er zijn en de eventuele ongemakken.
Excimerlaser
Excimer staat voor Excited DIMer. Een excimer laser wordt gebruikt om oppervlakkig weefsel weg te halen. Dit gebeurt door de cellen te sublimeren, m.a.w. de cellen vallen uit elkaar en gaan dus over van vaste toestand naar gasvormige toestand (plasma-effect).
omhoogArgonlaser
Een argonlaser is een zeer krachtige en smalle lichtbundel, waarmee de oogarts bepaalde delen van het oog kan behandelen. Een argonlaserbehandeling is in de regel niet pijnlijk en geschiedt poliklinisch, zodat u direct daarna naar huis kunt. De meest voorkomende afwijkingen waarvoor de arts u een laserbehandeling aan kan raden zijn: een hoge oogdruk (Glaucoom), scheurtjes of zwakke plekken in het netvlies en netvliesafwijkingen door suikerziekte en netvliesdegeneratie.
omhoogYaglaser
Met de Yaglaser kan in enkele minuten pijnloos een gaatje in de nastaar gesneden worden. Maar zeldzaam ook gebruikt voor glaucoom.
omhoog